Maaike van Everdingen

Artificial Excellence


 
Digitale render

Feit: Elke seconde verspilt onze wereld een vrachtwagen vol aan kleding. 

In Berlijn ontdekte ik een techno-walhalla met politieke en activistische elementen. De historische stad herbergt grote aantallen fanatieke dansers die meerdere keren per week enthousiast het nachtleven in duiken. De val van de Berlijnse muur veroorzaakte een enorme culturele omwenteling, ondergrondse clubs doken op in de ooit verdeelde stad. En hoewel de lokroep van het Berlijnse nachtleven hetzelfde is gebleven – namelijk techno – bood een nieuwe generatie toeristen mij een nieuw perspectief.


Zero % Environmental Impact

Negative Footprint

Extravagant
De Berlijnse clubs staan bekend om hun meedogenloze deurbeleid, maar verassend ontspannen kledingvoorschriften. De uitsmijter van de club Berghain is bijna net zo fameus als de dansvloeren. Zo kan een wachttijd van drie uur op een zaterdagavond eindigen in een simpel “nein”, en die nein is niet te betwisten. De uitsmijters onderscheiden de echte fans van de wannabees, en dat doen ze op basis van kleding.

Vals: Je komt de club niet in als je geen merkkleding aan hebt.

Het hedonistische ethos van de stad leidt tot een veelheid aan kledingkeuzes waaruit een diepgewortelde behoefte tot individualiteit spreekt. Kleding markeert het onderscheid tussen inwoners en toeristen. Terwijl zogeheten fast fashion-merken in Duitsland uitbreiden, houdt Berlijn grotendeels vast aan iets waardevols: een rauwe, kapitalisme-mijdende gevoeligheid die vaak wordt omschreven als ‘poor, but sexy’. De echte technofan draagt eerder tweedehands kleding dan seizoensgebonden trends. ‘Creatieven’ van over de hele wereld trekken naar Berlijn vanwege de lage kosten en het anti-establishment modewereldje.

En dat is goed: de fast fashion-industrie stoot meer broeikasgassen uit dan de internationale scheeps-en luchtvaart samen. Sinds 2000 is de wereldwijde kledingproductie meer dan verdubbeld. De gemiddelde persoon koopt nu 60% meer kledingstukken dan voorgaande jaren. Nu het probleem van klimaatverandering steeds reëler wordt, moeten wij technocouture als voorbeeld stellen.
Feit: Synthetisch is weer in.

In de nasleep van de coronaviruspandemie zijn we allemaal gedwongen om ons tot de virtuele wereld te wenden. Clubs zijn gesloten, ook tweedehands kledingwinkels zijn dicht. Hierdoor hebben wij de tijd om een stapje verder te gaan in het verkleinen van onze ecologische voetafdruk. De door de crisis veroorzaakte verschuivingen brengen ook andere lichtpuntjes. Digitale mode bijvoorbeeld, kleding die wordt weergegeven in computerondersteunde ontwerpprogramma’s, in plaats van tastbare kledingstukken. Nul uitstoot en even stijlvol als altijd.

Dergelijke verschuivingen zouden ook een radicale heroverweging kunnen stimuleren in hoe de clubganger mode benadert. Deze periode zal niet alleen onze manier van consumeren veranderen, maar ook onze kijk op mode. Het biedt mogelijkheden om buiten het fysieke kledingstuk te denken. In een samenleving die afhankelijk is van communicatie via schermen, kunnen we denken aan kleding ontworpen voor digitale gelegenheden. Is er ruimte voor zowel functionele, tastbare kleding, als digitale outfits die speciaal zijn ontworpen voor sociale media- en webcam-ontmoetingen?

Amsterdam, mei 2020


Meer werk: